Journalist Joost Zonneveld heeft zojuist in Het Parool van vandaag de posities van verschillende raadsleden over de korting op de vergoeding van afwezige raadsleden op een ritje gezet.
Links: Het Parool - NIEUWS: Zeeburg wil 'spijbelen' aanpakken.
AMSTERDAM - Stadsdeel Zeeburg wil deelraadsleden die meer dan drie keer een raadsvergadering missen, korten op de vergoeding voor het raadswerk. Een voorstel van het CDA met deze strekking kan rekenen op brede steun (…) VVD'er Johan Wolters [vindt] dat het aan de raadsleden zelf is op welke manier zij hun functie uitoefenen. ''Onzin,'' vindt Mellouki Cadat van GroenLinks. Volgens hem wordt 'de democratie dan uitgehold en zou een minderheid beslissingen kunnen nemen'. Cadat vindt dat mensen die afwezig zijn hun vergoeding gewoon terug moeten storten.”
Ja dat vind ik inderdaad. De korting moet je wel intelligent toepassen. Het moet een corrigerende en progressieve werking hebben. Zo zou je de hoogte van de korting op de vergoeding evenredig aan de afwezigheid kunnen koppelen. Bijvoorbeeld: 3 maal afwezig = 5% korting, 4 maal afwezig = 10% korting, 5 maal afwezig = 15% korting, 6 maal afwezig = 20% korting. 20% korting lijkt wettelijk het maximaal toegestaan zijn voor het korten op een raadsvergoeding. Daarbij moet je - vanwege emancipatie overwegingen - een uitzondering maken voor zwangerschapsverlof van raadsleden.
Aan de kortingmaatregel zou ik het volgende willen koppelen: een jaarlijkse evaluatie van de aan- en afwezigheid van raadsleden door de raad in een openbare raadsvergadering. De fracties moeten zich dan publiekelijk (naar de burgers toe) verantwoorden voor de aan- en afwezigheid van hun leden. De sanctie in positieve en/of negatieven zin is dan morele en politiek. Overigens zal zoiets naar mijn mening meer effect sorteren dan de financiële aanpak.
Uit het artikel van Zonneveld valt ook af te leiden dat vooral (onervaren) migrantenpolitici systematisch afwezig zijn. Dit heeft veel mee te maken volgens mij met de wijze waarop migrantenkandidaten door de partijen geselecteerd worden en vervolgens op kandidatenlijsten geplaatst. Een maal gekozen - vaak met vele voorkeurstemmen - worden zij in de raad: a) niet serieus begeleid door hun fractie / partij; b) niet serieus genomen - zij staan voor 'spek en bonen' en zelf minachtend aangezien. Vele allochtonen in de politiek hebben dan het gevoel dat zij a) alleen als stemmentrekkers op de lijst gezet worden om b) vervolgens als junior partners en veestemmers in de raad behandeld worden. Zij hebben het gevoel dat zij uitgesloten worden en laten het maar zeggen: ja, er zijn er uitsluitingsmechanismen die samen met de Nederlandse (Zeeburgse) cultuur hangen*. Resultaat: In sommige gevallen komen sommige (migranten)raadsleden hun raadsbelofte niet na en zetten zich niet meer in voor hun kiezers en hun partij in de raad. Maar blijven wel formeel lid de raad en ontvangen wel hun vergoeding (765 euros netto per maand in Zeeburg). Zo zie je da te strategiën van etnische clientelisme die door sommige partijen systematisch gehanteerd wordt op termijn averechts werkt voor de (lokale) democratie.
De raadscommissie Algemene Zaken zal de discussie over dit onderwerp volgende week dinsdag 17 januari voeren.
* Bijvoorbeeld de gewoonte om na afloop van de raadscommissies en raadsvergaderingen te gaan naborrelen in de nabije stamkroeg. Harstikke 'gezellie' maar sommige (moslimse) allochtonen wensen niet terecht te komen in een rokerige omgeving waar alcohol geserveerd en gedronken wordt. Dan mis je niet alleen de collegialiteit, het informeel met elkaar omgaan, maar ook en vooral de ingang tot aan - voor politieke besluiten - belangrijke 'old-boys' netwerken: je hoort er niet bij.